Het is algemeen bekend dat veel mensen na veertig jaar werken hun pensioen willen begrijpen en weten wat ze kunnen verwachten. Vroeg of laat vraagt iedereen zich af: hoeveel krijg ik als ik straks stop met werken? Voor veel mensen is pensioen een grote bron van twijfel en soms zelfs onzekerheid. In deze blog lees je hoe pensioen in Nederland in elkaar zit, waar het bedrag vandaag komt, en welke factoren meespelen in jouw uiteindelijke inkomen later.
Hoe het Nederlandse pensioen in elkaar zit
Pensioen bestaat in Nederland meestal uit drie delen. Het eerste deel is de AOW. Dit is het basisinkomen dat je krijgt van de overheid als je de pensioenleeftijd hebt gehaald. Iedereen die in Nederland woont en werkt, bouwt AOW op. Hoeveel je krijgt, hangt af van je woonsituatie. Ben je alleenstaand? Dan ontvang je iets meer per maand dan wanneer je samenwoont. Naast de AOW bestaan er aanvullende pensioenen. Dit zijn de bedragen die je via je werkgever opbouwt, doordat er bij iedere salarisbetaling premie wordt ingehouden en belegd voor later. Tot slot kun je zelf extra sparen, bijvoorbeeld op een eigen rekening of via een bankpensioen. Dit derde deel is vrijwillig en verschilt per persoon.
Het bedrag hangt af van je situatie en keuzes
Na veertig jaar werken is het logisch dat je verwacht een flink inkomen te hebben. Toch is dat niet altijd vanzelfsprekend of gelijk voor iedereen. Niet iedereen bouwt evenveel op. Je inkomen tijdens je werkzame leven speelt een grote rol. Mensen met een laag salaris bouwen minder pensioen op dan mensen met een hoger inkomen. Ook telt het aantal jaren dat je echt pensioen hebt opgebouwd zwaar mee. Het maakt uit of je altijd voltijd hebt gewerkt of soms minder uren of jaren hebt gemaakt. Verder kan een periode van werkloosheid of een tijd in het buitenland invloed hebben op het uiteindelijke bedrag.
Een gemiddeld bedrag na veertig dienstjaren
Wie veertig jaar onafgebroken werkt en pensioen opbouwt volgens het Nederlands systeem, kan in theorie een groot deel van zijn laatste salaris aan pensioen verwachten. Stel: je werkte veertig jaar en hebt altijd pensioenpremie betaald via je werkgever. Veel Nederlanders komen dan uit op een pensioen dat samen met de AOW ongeveer tachtig procent van het laatstverdiende salaris is. Toch zijn er ook uitzonderingen. Sommige mensen ontvangen een aanvullend pensioen van slechts enkele honderden euro’s per maand, vooral als ze weinig of onregelmatig hebben opgebouwd. Een bekend voorbeeld is iemand die ondanks veertig jaar werken toch maar rond de 350 euro aan uitbetalingen krijgt, bijvoorbeeld door laagloonbanen, flexwerk of werken als zelfstandige. Het is dus niet zo dat veertig jaar werken altijd een hoge uitkering garandeert.
Welke factoren bepalen jouw pensioenbedrag?
Verschillende dingen spelen een rol bij het uiteindelijke maandbedrag dat je na veertig jaar werken krijgt. Belangrijk is of je altijd bij een werkgever in loondienst was die voor jou pensioen afdroeg. Werkte je bijvoorbeeld vaak als zzp’er, dan heb je zelf pensioen moeten regelen. Verder telt de hoogte van je salaris per jaar. Hoe meer je verdiende, hoe hoger het deel is waarover pensioen wordt opgebouwd. Wisselingen van baan kunnen ook invloed hebben, zeker als je steeds naar een regeling met slechtere voorwaarden overgaat. En zelfs politieke besluiten tellen mee. Ligt de rente bijvoorbeeld heel laag, dan kan het zijn dat je minder krijgt dan je dacht. Als laatste is er verschil tussen bedrijven en sectoren in hoe goed hun pensioenpot gevuld is en hoeveel risico je zelf draagt. De ene sector heeft een Royale aanvullende regeling, de andere karige.
Zo maak je inzichtelijk wat je straks ontvangt
Voor veel mensen is het best ingewikkeld om te weten wat er straks op hun rekening gestort wordt. Gelukkig bestaat er een helder overzicht via de website Mijnpensioenoverzicht.nl. Hier zie je precies wat je tot nu toe hebt opgebouwd en kun je inschatten hoe hoog je inkomen na pensionering wordt. Het helpt ook om af en toe advies te vragen bij een pensioenadviseur. Zo kun je beter plannen en, als je wilt, op tijd extra bijsparen. Het houdt je bewust van wat er voor jou mogelijk is en beschermt je tegen verrassingen op het moment dat je echt wilt stoppen met werken.
Meest gestelde vragen over pensioen na veertig jaar werken
Hoeveel AOW krijg ik naast mijn pensioen?
Als je de AOW-leeftijd hebt bereikt, krijg je een vast bedrag van de overheid. Dit ligt rond de 1400 euro per maand voor samenwonenden en rond de 2100 euro per maand voor een alleenstaande. Dit bedrag komt bovenop je aanvullend pensioen.
Kun je zelf extra sparen voor een hoger pensioen?
Ja, je kunt altijd zelf extra sparen via een bankspaarrekening of een verzekering. Wat je spaart, kun je later gebruiken om je maandelijkse inkomen aan te vullen als je met pensioen bent.
Maakt het uit als je sommige jaren niet hebt gewerkt?
Als je sommige jaren geen pensioen hebt opgebouwd, bijvoorbeeld door werkloosheid of in het buitenland te wonen, ontvang je minder aanvullend pensioen en mogelijk minder AOW. Elk jaar telt mee voor de opbouw.
Wat gebeurt er als je wisselt van werkgever?
Als je wisselt van werkgever, neem je je pensioenaanspraken meestal mee. Soms bouw je dan pensioen op bij verschillende pensioenfondsen. Het totale bedrag blijft wel voor jou bestemd.
Is het pensioen voor iedereen gelijk geregeld?
Nee, het pensioen verschilt per sector, bedrijf en situatie. Sommige sectoren hebben een goede aanvullende regeling, terwijl anderen alleen het wettelijk minimum bieden.









